|
Het hulpverleningsgebied van het Rode Kruis moest zich - wilde de bezetter de hulp toestaan - beperken tot de hulp aan krijgsgevangenen.
Tot april 1943 waren de pogingen om andere categorieën gevangenen te helpen - op een uitzondering na - vruchteloos. Op 12 april 1943 was er een keerpunt. De Duitse bevelhebber van de Sipo/SD machtigde een vertegenwoordigster van het Rode Kruis, Loes van Overeem, om onderhandelingen te starten met de commandanten van gevangenkampen. |