
Nadat de Canadese en Britse bevrijders het kamp waren binnengetreden veranderde de functie van het kamp. Duitse militairen moesten er hun wapens inleveren, het onderzoek naar de gedragingen van de kampbewaking werd ter hand genomen, evenals de identificatie van slachtoffers die in de omgeving werden geborgen.
Ondertussen verbleven in het voormalige kamp personen die nog te zwak of te ziek waren om huiswaarts te keren. Het betrof hier niet uitsluitend voormalige gevangenen van Kamp Amersfoort. Ook voormalige gevangenen uit Duitse concentratiekampen werden tijdelijk ondergebracht in Kamp Amersfoort, dat nu de functie (en naam) van ‘Repatriëringkamp’ (link 1) kreeg. De poort die toegang gaf tot het voormalige gevangenenkamp werd versierd om de repatrianten welkom te heten.
Medewerkers van het Nederlandse Rode Kruis verbleven gedurende deze periode in het kamp, evenals de kok Frans van den Berg en zijn gezin. In barakken en nevenlocaties (zoals het woonhuis in de Balistraat) werden zij verpleegd (link 2) totdat zij in staat waren om hun thuisreis te vervolgen. Het kamp werd in deze periode ook wel aangeduid als ‘Rode Kruis kamp’..
Deze periode duurde ongeveer van mei 1945 tot augustus 1945.
Link 1 Tot de collectie van Stichting Nat. Monument Kamp Amersfoort behoort een ingelijst document, met daarop de volgende tekst. Typhus Epidemie Zomer - 45 Repatriëeringkamp Amersfoort Aan Tante Mien Ter herinnering aan vrolijke uren te midden van gerepatrieerden luizendragers
Link 2 Een ander document betreft een dankbetuiging van de personen die in de 'quarantaine-barak' verbleven. De dankbetuiging bevat tientallen handtekeningen en is gedateerd 7 juli 1945. |