Nat. Mon. Kamp Amersfoort
Aanmelden nieuwsbrief
Tijdbalk
zoeken

Dienst Identificatie & Berging
Al tijdens de bezetting hield de Eindhovense arts Dr. A. van Anrooy zich bezig met het identificeren van slachtoffers van bombardementen. Dat werk werd uitgebreid toen eenmaal heel Nederland was bevrijd. Duizenden veldgraven van gesneuvelde militairen en gefusilleerde burgers werden aangetroffen.

De Dienst Identificatie en Berging is voortgekomen uit de sectie III van de Orde Dienst (OD), district Eindhoven. Na de opheffing van de OD in het zuiden van Nederland kwamen de kosten van de werkzaamheden geheel voor eigen rekening van Dr. Van Anrooy, totdat men het Nederlandse Rode Kruis voor deze dienst wist te interesseren.

De Dienst kwam al spoedig in contact met mensen en groepen, die op eigen initiatief en veelal met zeer lofwaardige bedoelingen, zich met dit werk gingen bezighouden. Zo werden opgravingen verricht op last van burgemeesters, Bureau Nationale Veiligheid, Politieke Opsporingsdienst, Luchtbeschermingsdienst of door burgers van steden en dorpen, die hiertoe genoodzaakt waren door de ligging der graven (b.v. in de voortuin).

In mei 1945 werd door de minister van Binnenlandse Zaken een schrijven uitgezonden aan alle burgemeesters, waarin werd vermeld dat de DIB van het Rode Kruis, met goedkeuring van het Militair Gezag (MG), zich zelfstandig ging bezig houden met het identificeren en herbegraven van gesneuvelde militairen en burgerslachtoffers in het gehele land.

De Staf van de Dienst Identificatie en Berging was gevestigd in Den Haag, aan het hoofd stond Luitenant-Kolonel Dr. A. van Anrooy. Verdeeld over het land waren er zes pelotons werkzaam, waarvan er twee pelotons in Amersfoort waren gevestigd. Deze pelotons werden geleid door Majoor W.J. Siedenburg (later onder leiding van Kapitein J.W.M. Haverman) en Kapitein J.H.A. van Luyk (tandarts te Amersfoort).

De pelotons te Amersfoort waren o.a. belast met de berging van de vele gefusilleerden op de Leusderheide en afkomstig uit Kamp Amersfoort. De medewerkers van de DIB te Amersfoort beschikten over een vrachtauto voor het vervoer van slachtoffers naar het lijkenhuis. Zij beschikten ook over een personenauto. Voordat de Dienst in Amersfoort begon, waren al 49 lichamen opgegraven bij Kamp Amersfoort.

In augustus 1945 werd in een tweede schrijven door de minister van Binnenlandse Zaken vermeld dat: geen opgraving of vervoer van lijken mocht plaatsvinden, anders dan in opdracht of met machtiging van het Hoofd van de DIB, de dienst die was belast met het opgraven van lijken van Nederlandse militairen en burgers, die gedurende de Duitse bezetting van het Rijk in Europa waren begraven.

Op 25 oktober 1945 werd de Dienst, op aandringen van de ministers van Binnenlandse Zaken en Oorlog, gemilitariseerd en ondergebracht bij het Militair Gezag.

Na de opheffing van het Militair Gezag op 1 maart 1946 werd de Dienst rechtstreeks onder het Ministerie van Oorlog geplaatst. De Dienst werd gemachtigd de door haar geïdentificeerde verzetsslachtoffers over te brengen op een door de nabestaanden gewenste plaats, bijvoorbeeld in de eigen woonplaats. Door het rijk werden de kosten van een eenvoudige begrafenis vergoed. De financiële afwikkeling behoorde tevens tot de taak van de Dienst.

Ook het samenbrengen van de afzonderlijke graven van duizenden Duitsers die op Nederlands grondgebied waren gesneuveld behoorde tot de taak van de DIB. De Duitsers hadden al vanaf mei 1940 een begin gemaakt met het inrichten van een ‘Ehrenfriedhof’. Deze was gelegen op het landgoed Zypendaal bij Arnhem. De eigenaar K.L.E. Graaf von der Goltz had hiervoor een stuk grond beschikbaar gesteld. Hier werden gedurende de bezettingsjaren en ook een korte tijd daarna Duitse militairen begraven. Een tweede Duits kerkhof lag in de buurt van Bergen op Zoom. Ook elders in het land werden Duitsers op gewone burgerbegraafplaatsen begraven.

Na de oorlog werden de Duitsers voorlopig bijgezet op een stuk grond, dat eigendom was van de gemeente Venray en gelegen was aan de oostelijke rand van de Peel. De bedoeling was dat dit kerkhof een tijdelijk karakter zou dragen. Later zouden de opgegravenen naar een verzamelkerkhof ten oosten van Aken worden overgebracht. De Geallieerde Controle Commissie gaf daar echter geen toestemming voor. Het aantal gesneuvelde Duitsers op Nederlands grondgebied werd op dat moment geschat op 23 à 25 duizend. Uiteindelijk wees de regering Ysselsteyn in de gemeente Venray aan als Duits soldatenkerkhof.

Op 15 oktober 1946 werd begonnen met de overbrenging van de eerste lijken. Inmiddels hebben 31.598 gesneuvelde Duitse militairen er hun laatste rustplaats gevonden. De DIB had niets van doen met het ruimen van graven van geallieerde militairen. Deze hadden hun eigen gravendiensten.

De DIB bleef haar taak tot 1951 uitoefenen. Daarna werd de Dienst ontbonden en werd, naar Amerikaans voorbeeld, de Gravendienst van de Koninklijke Landmacht opgericht. Deze dienst zorgt er tot heden ten dage voor dat een gevonden gesneuvelde alsnog een eervolle begrafenis krijgt.

Stichting Nationaal Monument Kamp Amersfoort
Loes van Overeemlaan 19, 3832 RZ Leusden
Telefoon: 033 461 31 29, E-mail: info@kampamersfoort.nl
concept: advies in cummunicatie | realisatie: magiqsoft - smart software solutions