|
Het Tweede Canadese Legerkorps kreeg de verantwoordelijkheid voor de bevrijding van Noord-Oost Nederland. Het Eerste Canadese Legerkorps moest oprukken naar het westen van Nederland.
Op 17 april waren de eenheden van het Eerste Canadese Legerkorps de Grebbelinie dicht genaderd. Van een aanval op de zwaar verdedigde linie werd echter afgezien. Het besluit om niet verder naar het westen op te rukken was gevallen naar aanleiding van het dreigement van Seyss-Inquart dat verder oprukken risicos zou inhouden voor het overleg over de verbetering van de positie van de hongerende bevolking in het westen van Nederland. Op deze dag werd ook de Wieringermeer onder water gezet.
Op 4 mei circuleerde het bericht dat de Duitsers in Nederland, Denemarken en Noord-West Duitsland capituleerden. Omdat voor 7 mei de Grebbelinie niet overschreden zou worden - zo was de afspraak - duurde het nog tot deze dag voordat de geallieerden zich op grote schaal in het Amersfoortse straatbeeld lieten zien.
7.600 Canadezen sneuvelden bij de bevrijding van Nederland. Alleen al in april 1945 sneuvelden 1.191 Canadese militairen. 114 sneuvelden er in de laatste vijf dagen van de oorlog. |